Springruiter Frank Schuttert is geen fan van scherpe bitten. “Zeker als ik dressuurmatig train, gebruik ik het liefst een simpel dubbel gebroken bit.” In een interview met JRS vertelt de Sprenger-ambassadeur over zijn ervaringen met bitten en geeft hij tips voor je eigen bitkeuze.

Al twee keer werd de pas 26-jarige Frank Schuttert Nederlands Kampioen bij de senioren en hij vertegenwoordigde Nederland op de WEG in Tryon en het EK in Rotterdam. “Ik heb geluk gehad dat ik die wedstrijden mocht rijden, maar de Olympische Spelen zouden fantastisch zijn. Dat is echt een heel groot doel en we gaan dat volgend jaar zeker proberen. Ik moet de juiste paarden hebben, maar het is zeker niet onmogelijk!”

Momenteel rijdt Frank bij Jos Lansink. Hier kwam hij zo’n 7 jaar geleden terecht nadat hij besloot dat de opleiding die hij volgde niet bij hem paste. Frank: “Thuis hebben we een mooi bedrijf, maar ik wilde toch graag ergens anders kijken. Mijn oog viel op de stal van Jos Lansink, maar hoe kwam ik daar binnen? Mijn vader zei: ‘hier heb je zijn nummer, bel ‘m maar!’ Zo gezegd, zo gedaan, maar ik moest wel even volhouden tot ik langs mocht komen.”

Frank maakt lange dagen met volle weekenden. “Mijn week is eigenlijk verdeeld in twee delen”, vertelt Frank. Maandag tot en met woensdag zijn ‘normale’ dagen. “Ik begin om half 8 ’s ochtends met het rijden van 2 paarden. Daarna drinken we gezamenlijk koffie en voor de lunch rijd ik nog 3 paarden. In totaal rijd ik zo’n 9 paarden per dag. Op maandag en woensdag trainen we vaak dressuurmatig, op dinsdag hebben we springtraining.”

“Het tweede deel van de week staat in het teken van de wedstrijden. Ik ben eigenlijk het hele weekend op concours.” Afhankelijk van het niveau en de leeftijd van het paard kiest Frank zijn concoursen uit. “Soms gebruik ik een wedstrijd om te trainen en verbeteren, maar als ik op zondag de Grote Prijs rij, dan wil ik meedoen voor de winst!” Die winnaarsmentaliteit heeft Frank al verschillende mooie resultaten opgeleverd.

Bitten

Als je een nieuw paard krijgt, waarop baseer je dan je bitkeuze?
“Ik begin altijd met een basis bit. Dubbel gebroken en wat dikker, zeker niet te dun. Ik wil altijd eerst voelen hoe een paard daarop reageert en zet het paard liever eerst meer naar mijn hand. Van daaruit kijk ik wat voor bit nodig is. Overigens vind ik veel bitten te sterk qua inwerking. Soms heb je ze nodig om iets bij te sturen, maar ik rij liever met een goede verbinding in de hand. Ik denk dat het beter is als een paard een keer iets te sterk wordt dan dat het achter de hand komt. Dit geeft het paard ook meer vertrouwen.”

Heb je een favoriet bit?
“Ik ben fan van simpele bitten, zoals de Sprenger Novocontact. Ik kies dan voor de dubbelgebroken variant. Mijn paarden lopen hier fijn op . Ze bieden een goede inwerking en zijn nooit te scherp in de mond. Tevens kijk ik ook naar het materiaal. Mijn voorkeur gaat daarin uit naar Sensogan, te herkennen aan de gouden kleur van de bitten.”

Wissel je bij een paard wel eens van bit?
“Als een bit eenmaal goed werkt, dan houd ik me daar graag aan vast. Daarbij zijn problemen niet altijd op te lossen met een ander bit, maar moet je ze dressuurmatig oplossen. Wel heb ik soms bitten die ik bewaar voor wedstrijden. Als een bit goed is op concours en ik ga er thuis ook mee rijden, dan went het paard eraan. Daarom rijd ik die paarden thuis vaak op een simpeler bit.
Als ik een nieuw bit test, rijd ik daar op één dag wel al mijn paarden mee. Op die manier kan ik goed aanvoelen wat het bit doet zodat ik het daarna nog beter kan inzetten.”

Welzijn

Er is de laatste tijd steeds meer discussie over het welzijn van paarden gekeken naar het bit. Denk je dat de huidige regelgeving op het gebied van bitten voldoet?
“Ik denk dat het in het springen nog wel meevalt. Ik heb zelf nooit problemen met dingen die niet mogen. Op het hoogste niveau is natuurlijk wel veel toegestaan, maar ik ben zelf niet zo’n fan van die extreme bitten.”

Hoe ga jij om met commentaar op sociaal media als het aankomt op de optoming van paarden?
“Ik heb een keer een paard gereden op een hackamore in combinatie met een heel zacht bit. Zo hoefde ik niet alleen op de neus te rijden. Juist omdat het paard gevoelig was. Op social media kwam daar onder een foto veel commentaar op, maar ik heb daar bewust niet op gereageerd. Hoe meer ik erop reageer, hoe verder het wordt uitvergroot. Zelf wist ik dat het een fijne combinatie was. Ik had genoeg controle, zonder dat het te sterk inwerkte.”

Wat zou jij (beginnende) ruiters aanraden als het aankomt op de bitkeuze?
“Maak het niet te moeilijk en begin niet te scherp. Je moet natuurlijk wel controle kunnen houden, maar start simpel en ga vanuit daar verder kijken. Daarbij heb ik ook geleerd dat je niet alleen van het bit uit kunt gaan. Je moet je paard ook goed voor het been hebben. Het bit is een hulpmiddel, het ondersteunt, maar je moet je paard goed voor elkaar hebben in de basis. Dat is het belangrijkste.”

TIP van JRS: Heb jij moeite met het bepalen van het juiste bit voor jouw paard? Op onze dealerpagina kun je kijken welke ruitersportwinkel bij jou in de buurt Sprenger verkoopt. In de winkel helpen ze je graag verder bij jouw zoektocht naar het meest ideale bit voor jou en je paard.